Don’t disturb the orchestra
Strategie

Don’t disturb the orchestra

wo 16 augustus 2017 - DOOR Guus Kok
Terug naar overzicht

‘Don’t disturb the orchestra’ is een quote van  Mariss Jansons, oud chef dirigent van het Concertgebouworkest toen hem gevraagd werd naar de rol van dirigent. Eberhard van der Laan refereerde er in Zomergasten kort aan toen hij het had over zijn bijdrage als bestuurder van de grootste stad van Nederland. Professionals die hun vak verstaan moet je niet lastig vallen met zaken die de uitoefening van dat vak belemmeren. Musici die in orkesten als het Concertgebouworkest spelen hoef je niet te leren hoe ze hun instrument moeten bespelen. Die techniek beheersen ze, daar hebben ze jaren voor gestudeerd en doen dat in de praktijk dag in dag uit. Ook moet je ze niet lastig vallen met generieke verhalen over het belang van goed samen spelen en in die abstractie er met ze over willen praten, daar kunnen ze zelf vaak aanzienlijk meer over vertellen dan degene die dergelijke verhalen schrijft.

Stel de kwaliteit van je musici niet ter discussie

Een dirigent zorgt ervoor dat het orkest doet waarvoor zij bedoeld is: prachtige muziek maken. Of in het voorbeeld van de burgemeester: zorgen voor de randvoorwaarden zodat burgers plezierig met elkaar kunnen samenleven. De dirigent zet wel de kaders voor de interpretatie van een muziekstuk, aan de compositie zelf wordt niet getornd en de kwaliteit van de uitvoerende musici wordt – en zeker niet à priori -niet ter discussie gesteld.

Schep de randvoorwaarden

Don’t disturb the orchestra gaat niet alleen over een stijl van leidinggeven of communiceren maar vertaalt zich misschien nog wel meer in de manier waarop we zaken organiseren. Het is geen theorie maar vooral een mentaliteit. Diezelfde mentaliteit mag ook verwacht worden van managers in andere organisaties dan het voorbeeld van de dirigent van een orkest. Schep de randvoorwaarden dat professionals in de wereld van de zorg, het onderwijs, de wetenschap, de kunsten of waar dan ook, zo goed mogelijk tot hun recht komen. Zij zorgen er uiteindelijk voor dat die organisatie doet waarvoor ze bedoeld is. Niet de bestuurders (of hun adviseurs), zij hebben vooral een dienende rol.

Delen